7 eindwerk tips

Waarschijnlijk kreeg je een aantal richtlijnen voor de opmaak, de volgorde, de afwerking en het aantal exemplaren dat je moet afgeven.
Omdat de kosten voor het afdrukken en inbinden voor jezelf zijn, mag je soms zelf kiezen op welke manier je afwerkt.
Dan ben je in principe vrij om te kiezen hoe je dit doet.
Maar je wilt in elk geval wel dat jouw eindwerk serieus wordt genomen.
Wij geven je daarom een aantal tips voor een verzorgde uitstraling van jouw werk.

Tip 1 Kleur of zwart-wit?

Zwart-wit komt minder professioneel over.
Kies daarom voor het printen in kleur, ook voor het exemplaar dat je voor jezelf houdt.
Het zou immers zonde zijn van al de moeite en het harde werk om nu vanwege de kosten je eigen exemplaar ‘slechts’ in zwart-wit te laten afwerken.
Later zou je er wel eens spijt kunnen van hebben dat je het niet meer kan laten zien hoe het ‘echt’ was.
Mochten de kosten in kleur echt te hoog oplopen, dan kan je eventueel alleen de hoofdtekst in kleur printen en de bijlage(s) in zwart-wit.

Tip 2 Dikte van het papier

Ons standaardpapier is van de hoogste kwaliteit 80 gram A4.
Wil je net dat beetje extra voor een mooie uitstraling, ga dan voor papier van 100 gram of 120 gram.
De afwerking geeft onmiddellijk een professioneel en stevig gevoel wanneer je voor de covers,
dus het eerste (titelblad) en laatste blad (achterkaft) extra dik papier van 250 gram of 300 gram gebruikt

Tip 3 Extra tussenblad

Het is helemaal afgewerkt wanneer na de voorkaft (het titelblad op dik papier) een extra blanco blad komt,
waarna je eventueel het titelblad herhaalt op gewoon papier.
Ook achteraan leg je, vóór de achterkaft in dik papier,
nog eens een gewoon blanco blad van dezelfde soort en dikte als het binnenwerk.

Tip 4 Dubbel of enkelzijdig printen?

Houd rekening met de voorschriften van jouw onderwijsinstelling.
Soms mag je niet recto/verso printen.
Mag het wèl en wil je graag dubbelzijdig afdrukken let dan op de volgende punten:

  • Het toont uiterst professioneel als je er voor zorgt dat de paginanummers op de juiste plaats staan.
    Het nummer op de voorzijde van het blad staat rechts en op de achterzijde links dus telkens aan de buitenkant van de bladzijde,
    zodat je bij het doorbladeren de pagina’s snel terug vindt.
  • Een nieuw hoofdstuk begint doorgaans op de rechterkant.
    Je dient bij het opstellen van het werk dus rekening te houden met het invoegen van blanco pagina’s om ervoor te zorgen dat nieuwe hoofdstukken altijd rechts beginnen.
  • Het is mooier om de voorkaft en titelpagina enkelzijdig te houden.
  • Op het titelblad, de frontcover, zet je best geen (zichtbaar) paginanummer.
  • Soms moeten ook het voorwoord en de inhoudsopgave enkelzijdig blijven en mogen daar geen paginanummers staan.
    Je kunt door secties in te voegen de opmaak beter beheren. Zo kan je verschillende paginastanden maken, recht of liggend,
    pagina’s een afwijkende nummering maken (bijvoorbeeld een eigen nummering voor de inhoudsopgave),
    verschillende kopteksten per hoofdstuk ingeven, enzovoort.
  • Geef bij een combinatie enkelzijdig en dubbelzijdig afdrukken duidelijk en op tijd aan wat enkelzijdig moet blijven en vanaf waar dubbelzijdig printen mag starten.
    Zo voorkom je dat de verkeerde pagina op de achterzijde wordt geprint.
    Het kan soms nuttig zijn om - waar niets bedrukt mag worden - de nodige extra pagina’s in te voegen.

Tip 5 Aflopend laten printen

Een ‘aflopend’ ontwerp van voor- en/of achterpagina kan voor een extra mooi resultaat zorgen.
Aflopend wil zeggen dat het ontwerp elementen heeft die tot op de rand van het papier komen (bijvoorbeeld een achtergrondkleur, tekstvak of tekst, afbeelding of foto) waarbij er geen witte rand meer zichtbaar is op het scherm of op het origineel.
Maar ... omdat printers en kopiemachines standaard niet tot aan de rand printen en er bij een normale afdruk dus altijd een randje van ongeveer 5 mm niet bedrukt wordt rondom het blad, vraag je best om jouw A4-opmaak op ware grootte af te drukken op A3-formaat om dan te laten bijsnijden tot A4.
Voor A3 is het bij ons niet mogelijk om aflopend te printen.

Tip 6 Kies voor een lijmstrip of een metalen ring

Afhankelijk van je eigen smaak raden wij je aan te kiezen tussen een lijmstrip of een metalen ring. Beide inbindmogelijkheden hebben een professionele uitstraling en zijn erg duurzaam. Een bundel ingebonden met een metalen ring kan je volledig plat open leggen en zelfs helemaal 360° overdraaien. Voor jouw begeleider is het dan ook makkelijker om opmerkingen aan te brengen. De afwerking met lijmstrip klasseert dan weer beter dan een bundel met ring.

Tip 7 Print in ieder geval 4 of 5 exemplaren

Het aantal exemplaren dat je moet afgeven voor de jury of jouw begeleider is verschillend voor iedere opleiding. Vaak wil jouw begeleider minimaal 2 exemplaren ontvangen, omdat jouw werk door meerdere docenten wordt beoordeeld. Daarnaast minstens één exemplaar voor het stagebedrijf. Maar denk zeker aan minstens één exemplaar voor jezelf. Een exemplaar voor jezelf is altijd handig, al is het maar om te laten zien aan familie en vrienden. Of zoals tegenwoordig vaak het geval is: om voor te leggen bij een sollicitatiegesprek. Dat geeft je net dat beetje voorsprong op je medekandidaat, die daar niet aan heeft gedacht. Zo kom je dus uit op vier of vijf exemplaren.